Door het Hele Psalmboek in 50 Dagen

Psalm 119

Gods Woord

Boek V · 1773

Lezen

Vers 1

Welzalig zijn d' oprechten van gemoed,
Die, ongeveinsd, des HEEREN wet betrachten;
Die Hij op 't spoor der godsvrucht wand'len doet;
Welzalig die, bij dagen en bij nachten;
Gods wil bepeinst, en Hem als 't hoogste goed;
Van harte zoekt met ingespannen krachten.

Vers 2

Die, wars van 't kwaad, niet in de zonde leeft;
Maar zijnen gang bestiert naar 's HEEREN wetten.
Gij, grote God, die ons bevelen geeft;
Gij eist, dat w' op Uw woord gestadig letten;
En dat w' ons hart, aan Uwen wil verkleefd;
Geduriglijk op Uwe wegen zetten.

Vers 3

Och, schonkt Gij mij de hulp van Uwen Geest!
Mocht die mij op mijn paân ten leidsman strekken!
'k Hield dan Uw wet, dan leefd' ik onbevreesd;
Dan zou geen schaamt' mijn aangezicht bedekken;
Wanneer ik steeds opmerkend waar' geweest;
Hoe Uw geboôn mij tot Uw liefde wekken.
Inzicht & verdieping
Stel een vraag

De AI heeft de psalmtekst en het inzicht als context.

AI kan fouten maken. Gebaseerd op psalmtekst en christelijke exegese.