Psalm 118
Dit is de dag die de HEERE gemaakt heeft
Lijden en opstanding · 1773
Vers 1
Want goed is d' Oppermajesteit;
Zijn goedheid gaat het al te boven;
Zijn goedheid duurt in eeuwigheid.
Laat Isrel nu Gods goedheid loven,
En zeggen: 'Roemt Gods majesteit;
Zijn goedheid gaat het al te boven;
Zijn goedheid duurt in eeuwigheid!'
Vers 2
En zeggen: 'Roemt Gods majesteit!
Zijn goedheid gaat het al te boven;
Zijn goedheid duurt in eeuwigheid.'
Laat die God vrezen, Hem nu loven,
En zeggen: 'Roemt Gods majesteit;
Zijn goedheid gaat het al te boven;
Zijn goedheid duurt in eeuwigheid!'
Vers 3
En riep den HEER ootmoedig aan.
De HEER verhoorde mij in 't lijden,
En deed mij in de ruimte gaan.
De HEER is bij mij, 'k zal niet vrezen;
De HEER zal mij getrouw behoên;
Daar God mijn schild en hulp wil wezen,
Wat zal een nietig mens mij doen?
Vers 4
Dergenen, die mij hulpe biên;
Ik zal, gered uit zwarigheden,
Mijn lust aan mijne haat'ren zien.
't Is beter, als w' om redding wensen,
Te vluchten tot des HEEREN macht,
Dan dat men ooit vertrouw' op mensen,
Of zelfs van prinsen hulp verwacht'.
Vers 5
Heb ik in 's HEEREN kracht gestreên;
Ik hieuw z' in 's HEEREN naam aan stukken,
Vertrouwend' op dien naam alleen.
Ik kon noch voor- noch rugwaarts keren,
Omringd, ja gans omringd ter dood;
Ik sloeg hen in den naam des HEEREN,
Die mij goedgunstig bijstand bood.
Vers 6
Maar zijn als doornenvuur vergaan;
'k Mocht hen in 's HEEREN kracht bestrijen,
In 's HEEREN naam hen gans verslaan.
Gij hadt m', o vijand, hard gestoten,
Tot vallens toe mij onderdrukt;
De HEER bewaart Zijn gunstgenoten;
De HEER heeft zelf mij uitgerukt.
Vers 7
Hij is mijn lied, mijn psalmgezang;
Hij was het, die mijn heil bewerkte,
Dies loof ik Hem mijn leven lang.
Men hoort der vromen tent weergalmen
Van hulp en heil ons aangebracht;
Daar zingt men blij, met dankb're psalmen:
'Gods rechterhand doet grote kracht.'
Vers 8
Des HEEREN sterke rechterhand
Doet door haar daân de wereld beven,
Houdt door haar kracht Gods volk in stand.
Ik zal door 's vijands zwaard niet sterven,
Maar leven, en des HEEREN daân,
Waardoor wij zoveel heil verwerven,
Elk, tot Zijn eer, doen gadeslaan.
Vers 9
Maar stortte mij niet in den dood;
Verzachtte vaderlijk mijn lijden,
En redde mij uit allen nood.
Ontsluit, ontsluit voor mijn schreden,
De poorten der gerechtigheid;
Door deze zal ik binnen treden,
En loven 's HEEREN majesteit.
Vers 10
Daar zal 't rechtvaardig volk door treên,
Om hunnen God ootmoedig t' eren,
Voor 't smaken Zijner zaligheên.
Ik zal Uw naam en goedheid prijzen;
Gij hebt gehoord; Gij zijt mijn geest,
Door Uw ontelb're gunstbewijzen,
Tot hulp, en heil, en vreugd geweest.
Vers 11
Veracht'lijk was een plaats ontzegd,
Is, tot verbazing der beschouwers,
Van God ten hoofd des hoeks gelegd.
Dit werk is door Gods alvermogen,
Door 's HEEREN hand alleen geschied;
Het is een wonder in onz' ogen;
Wij zien het, maar doorgronden 't niet.
Vers 12
Dien Isrels God geheiligd heeft;
Laat ons verheugd, van zorg ontslagen,
Hem roemen, die ons blijdschap geeft.
Och HEER, geef thans Uw zegeningen;
Och HEER, geef heil op dezen dag;
Och, dat men op deez' eerstelingen
Een rijken oogst van voorspoed zag.
Vers 13
Die tot ons komt in 's HEEREN naam!
Wij zeeg'nen u uit 's HEEREN woning;
Wij zegenen u al te zaâm.
De HEER is God, door Wien w' aanschouwen
Het vrolijk licht, na bang gevaar;
Bindt d' offerdieren dan met touwen
Tot aan de hoornen van 't altaar.
Vers 14
Verhogen Uwe majesteit;
Mijn God, niets gaat Uw roem te boven;
U prijz' ik tot in eeuwigheid.
Laat ieder 's HEEREN goedheid loven,
Want goed is d' Oppermajesteit;
Zijn goedheid gaat het al te boven;
Zijn goedheid duurt in eeuwigheid!
Achtergrond
Psalm 118 wordt traditioneel gelezen tijdens Joodse en Christelijke feestdagen, zoals het Joodse feest van Succot en Palmzondag in het Christendom. De psalm is een lofzang op Gods goedheid en een dankbetuiging voor de redding van Israël. Historisch wordt aangenomen dat deze psalm mogelijk geschreven is tijdens de Perzische periode, rond 539-332 v.Chr.
Kernboodschap
De kernboodschap van Psalm 118 is Gods almachtige redding en de noodzaak om Hem te vertrouwen en te loven, zelfs in moeilijke tijden. De psalm belicht het thema van lijden en opstanding, waarbij Gods kracht en trouw de gelovigen helpen om door moeilijke situaties heen te komen. De psalm roept op tot lof en vertrouwen in God, die de enige ware redder is.
Voor vandaag
Voor vandaag betekent dit dat wij, net als de auteur van de psalm, ons moeten richten op Gods almacht en goedheid, zelfs wanneer wij ons in moeilijke omstandigheden bevinden. We moeten God vertrouwen en prijzen, net zoals de psalmist doet, en ons beseffen dat Gods redding altijd mogelijk is, ongeacht de situatie. Door ons te concentreren op Gods trouw en kracht, kunnen wij vrede en hoop vinden in moeilijke tijden.
Verdiepingsvragen
Hoe kunnen wij in onze eigen levens Gods aanwezigheid en redding ervaren, net zoals beschreven wordt in Psalm 118?
Welke rol speelt vertrouwen in Gods almacht en goedheid in het omgaan met moeilijke situaties?
Op welke manier kunnen wij, geïnspireerd door Psalm 118, anderen bemoedigen en ondersteunen die door moeilijke tijden gaan?
De AI heeft de psalmtekst en het inzicht als context.
AI kan fouten maken. Gebaseerd op psalmtekst en christelijke exegese.