Psalm 32
Welzalig hij wiens overtreding vergeven is
Bekering · 1773
Vers 1
Die van de straf voor eeuwig is ontheven;
Wiens wanbedrijf, waardoor hij was bevlekt,
Voor 't heilig oog des HEEREN is bedekt.
Welzalig is de mens, wien 't mag gebeuren,
Dat God naar recht hem niet wil schuldig keuren,
En die in't vroom en ongeveinsd gemoed,
Geen snood bedrog, maar blank' oprechtheid voedt.
Vers 2
Weerhouden door de vrees, niet heb beleden,
Verouderden mijn beend'ren door geklag,
In mijn gebrul en angst den gansen dag.
Want, HEER, Uw hand, die mij bezocht met plagen,
Deed dag en nacht mij zware smarten dragen;
Mijn levenssap droogd' uit van uur tot uur,
Gelijk het land door zomerzonnevuur.
Vers 3
'k Verborg geen kwaad, dat in mij werd gevonden;
Maar ik beleed na ernstig overleg,
Mijn boze daân; Gij naamt die gunstig weg.
Dies zal tot U een ieder van de vromen,
In vindenstijd, met ootmoed smekend, komen;
Een zee van ramp moog' met haar golven slaan,
Hoe hoog zij ga, zij raakt hem zelfs niet aan.
Vers 4
Gij zult mij voor benauwdheid trouw bewaren;
G' Omringt me, daar Gij mij in ruimte stelt,
Met blij gezang, dat mijn verlossing meldt.
Mijn leer zal u, o mens, naar't recht doen hand'len,
En wijzen u den weg dien gij zult wand'len;
Ik zal u trouw verzellen met mijn raad,
Terwijl mijn oog op u gevestigd staat.
Vers 5
Of als een muil, door domheid voortgedreven;
Gebit en toom, door 's mensen hand bestierd,
Beteug'len 't woest en redeloos gediert';
Laat zulk een dwang voor u niet nodig wezen;
Wie God verlaat, heeft smart op smart te vrezen;
Maar wie op Hem vertrouwt, op Hem alleen,
Ziet zich omringd met Zijn weldadigheên.
Vers 6
Verheugd in God, naar waarde nooit te danken;
Zingt vrolijk, roemt Zijn deugden t' allen tijd,
Gij, die oprecht van hart en wandel zijt.
Achtergrond
Psalm 32 is geschreven door Koning David en is onderdeel van het boek Psalmen in de Bijbel. Het thema van de psalm is bekering en de vergeving van zonden. De psalm geeft een persoonlijke en emotionele weergave van Davids ervaring met schuld, spijt en vergeving.
Kernboodschap
De kernboodschap van Psalm 32 is dat God onze zonden wil vergeven en ons wil redden van onze eigen schuld. De psalm roept op tot eerlijke bekentenis en omkeer naar God. Door Gods vergeving en redding kunnen we vrede en geluk vinden.
Voor vandaag
Vandaag kan Psalm 32 praktisch worden toegepast door eerlijk te zijn over onze eigen zwakheden en zonden, en door ons te bekeren tot God. We kunnen ons geloof versterken door te geloven in Gods vergeving en door ons te verheugen in Zijn liefde en genade. Door dit te doen, kunnen we een diepere relatie met God opbouwen en Zijn leiding in ons leven ervaren.
Verdiepingsvragen
Hoe reageert God op onze bekentenis van zonden en ons verlangen naar vergeving?
Wat zijn de gevolgen van het niet bekennen van onze zonden en het niet omkeren naar God?
Hoe kunnen we ons geloof in Gods vergeving en redding versterken en toepassen in ons dagelijks leven?
De AI heeft de psalmtekst en het inzicht als context.
AI kan fouten maken. Gebaseerd op psalmtekst en christelijke exegese.