Psalm 51
Eerlijk voor God — schuld en genade
Eerste stappen · 1773
Vers 1
Verschoon mij toch naar Uw barmhartigheden;
Delg uit mijn schuld, vergeef mijn overtreden:
Uw goedheid wordt noch paal, noch perk gezet.
Ai, was mij wel van ongerechtigheid;
Mijn schuld is zwaar, ik heb Uw wet geschonden;
Zie mijn berouw, hoor, hoe een boetling pleit,
En reinig mij van al mijn vuile zonden.
Vers 2
Mijn zonde zie 'k mij steeds voor ogen zweven.
'k Heb tegen U, ja U alleen, misdreven;
Uw wil en wet, hoe heilig, stout versmaad,
Ik heb gedaan, wat kwaad was in Uw oog;
Dies ben ik, HEER, Uw gramschap dubbel waardig;
'k Erken mijn schuld, die U tot straf bewoog;
Uw doen is rein, Uw vonnis gans rechtvaardig.
Vers 3
Neen, 'k ben in ongerechtigheid geboren;
Mijn zonde maakt mij 't voorwerp van Uw toren.
Reeds van het uur van mijn ontvang'nis af.
Zie, Gij hebt lust tot waarheid in 't gemoed;
Gij, HEER, Die weet, al wat ik heb misdreven,
Gij, die mijn geest met wijsheid hadt gevoed,
En in mijn ziel Uw Godd'lijk licht gegeven.
Vers 4
Nu gans melaats, zal rein zijn en genezen.
Was mij geheel, zo zal ik witter wezen
Dan sneeuw, die vers op 't aardrijk nederviel.
Ai, geef mij weer gewenste zielevreugd;
Laat uit Uw mond mij stof tot blijdschap horen;
Zo wordt opnieuw 't verbrijzeld hart verheugd,
En in mijn geest de ware rust herboren.
Vers 5
Waardoor mijn ziel gevoelt de diepste wonden;
Delg, delg toch uit mijn schuld en al mijn zonden,
En spreek mij vrij van mijne gruweldaad.
Herschep mijn hart, en reinig Gij, o HEER,
Die vuile bron van al mijn wanbedrijven;
Vernieuw in mij een vasten geest, en leer
Mij aan Uw dienst oprecht verbonden blijven.
Vers 6
Ai, laat van mij Uw Heil'gen Geest niet scheiden.
Die kan alleen op 't rechte spoor mij leiden;
Bestier mijn gang, daar Gij mijn zwakheid ziet.
Geef mijn gemoed, dat nu angstvallig vreest,
De blijdschap weer; doe op Uw heil mij hopen;
Laat mij, gesterkt door enen eed'len geest,
Volvaardig 't pad van Uw geboden lopen.
Vers 7
Vrijmoedig al Uw rechte wegen leren;
De zondaar zal zich dan tot U bekeren,
En scheppen moed uit mijn behoudenis.
O God, Gij God mijns heils, vergeef mijn schuld,
Mijn bloedschuld toch, hoe billijk ook te doemen;
Dan zal mijn mond, met zangstof weer vervuld,
Uw heilig recht, gepaard met goedheid, roemen.
Vers 8
Zo zal mijn mond Uw lof gestaag vermelden.
Geen offer kan voor mijne zonden gelden;
Behaagd' U dat, straks wierd het U geslacht.
Indien Gij lust in brandend' off'ren hadt,
Dan wierd het vuur door mij gewis ontstoken;
Ik spaarde dan noch zorg, noch vlijt, noch schat,
Maar zou 't altaar van offervee doen roken.
Vers 9
Door schuldbesef getroffen en verslagen;
Dit offer kan Uw heilig oog behagen;
't Is nooit, o God, van U veracht geweest.
Doe Sion wel, laat om mijn zwaren val
Uw goedheid niet van zijne burg'ren wijken;
Bouw Salem op, laat nooit zijn muur en wal,
Door Uwe straf, voor 's vijands macht bezwijken.
Vers 10
Waarmee wij U, naar't heilig recht, vereren;
Dan zal 't altaar de varren gans verteren;
Dan wordt het vuur daarop nooit uitgeblust.
Achtergrond
Psalm 51 is een berouwpsalm geschreven door Koning David, waarin hij zijn zonden en overtredingen tegenover God belijdt en om vergeving vraagt. Deze psalm staat bekend om zijn diepgaande spirituele thema's en wordt vaak gelezen tijdens perioden van reflectie en berouw. Het historische en theologische belang van deze psalm ligt in haar weergave van het Israëlitische begrip van zonde, berouw en vergeving.
Kernboodschap
De kernboodschap van Psalm 51 is dat ware berouw en bekering tot God leidt tot vergeving en spirituele vernieuwing. David erkent zijn diepe zonde en vraagt God om reiniging en vernieuwing van zijn hart. Deze psalm benadrukt het belang van eerlijkheid, berouw en het zoeken naar Gods vergeving en genade.
Voor vandaag
Voor vandaag betekent de boodschap van Psalm 51 dat we ons moeten realiseren dat we allen zondigen en dat we Gods vergeving en genade nodig hebben. Door ons te beseffen van onze zonden en ons te wenden tot God in berouw, kunnen we hoop putten uit Zijn belofte van vergeving en vernieuwing. Door onze wandel met God te hervatten, kunnen we ons hart en onze geest vernieuwen.
Verdiepingsvragen
Hoe kan je, net als David in Psalm 51, je eigen zonden en zwakheden erkennen en om vergeving vragen?
Op welke manieren kan je, in je dagelijkse leven, de principes van berouw en vernieuwing uit Psalm 51 toepassen?
Hoe kan je Gods genade en vergeving ervaren, ook wanneer je jezelf voor een moeilijke tijd of tegenstand plaats?
De AI heeft de psalmtekst en het inzicht als context.
AI kan fouten maken. Gebaseerd op psalmtekst en christelijke exegese.